Spring naar content

Terugblik videosessie herziene Richtlijn Rouw: what’s new?

‘Gezond omgaan met rouw en diversiteit vraagt om blijvende reflectie op eigen rouwprocessen’

8 maart 2023

‘Met alles wat er gezegd en geschreven wordt, komt begeleiding bij rouw neer op nabijheid. Er zijn. In rust. Met openheid naar het verhaal van de ander. Dat vraagt om zelfreflectie en een ontspannen houding. Je écht richten op de ander. Binnenkomen en spiritueel je voeten vegen. Er zijn en contact hebben.’   

‘Je écht richten op de ander;
binnenkomen en spiritueel je voeten vegen’

– Robin Zuidam 

Tijdens de videosessie rondom de herziene Richtlijn Rouw, waaraan bijna 200 professionals deelnamen, bracht spreker Robin Zuidam rouwbegeleiding terug naar de menselijke essentie, met bovenstaande woorden. Zonder regels en aanbevelingen. 
En toch vinden Robin Zuidam en mede-spreker Erik Olsman een Richtlijn Rouw wel degelijk nodig en zinnig. ‘Richtlijnen helpen professionals in de palliatieve zorg om goede aandacht te geven aan tal van aspecten in de palliatieve levensfase. Rouw hoort daar beslist bij’, aldus Erik Olsman. ‘De richtlijnen helpen goede zorg te leveren. Ze zeggen wat zorgverleners kunnen en soms moeten doen.’ Ook bepalen richtlijnen en standaarden mede de sturing op (kwaliteit van) zorg. 

‘Begeleiding bij rouw komt neer op nabijheid, er zijn’

– Robin Zuidam, coördinator van het Centrum voor Levensvragen Midden-Nederland en oprichter van het Bezinningshuis.

‘Rituelen zijn belangrijk om emoties te kanaliseren door hun vaste structuur’

– Erik Olsman, universitair hoofddocent geestelijke verzorging aan de PTHU

Kritisch over modellen en normen 

Over rouw wordt veel gezegd en geschreven, begon Erik Olsman zijn bijdrage. ‘Boeken waarin wordt gesproken over modellen voor rouw, van ontkenning tot acceptatie. In het dagelijks leven zien we normativiteit rondom rouw, zelf opgelegd of van buitenaf. ‘Ik zit nu in die en die fase’, of de omgeving vindt: Het is nu al zo lang geleden, daar moet je nu toch wel klaar mee zijn.’ 
De herziene Richtlijn Rouw is kritisch over dit soort normatieve rouwmodellen, net als Olsman. ‘Er is geen bewijs voor een bepaald proces voor rouw. Rouw is erg persoonlijk en uniek en zo moeten we het als professionals ook benaderen’, aldus Olsman. ‘Niets is gek, maar je kunt er wel last van hebben, als het bijvoorbeeld je werk of je relaties verstoort. Maar rouw op zich is niet gek of afwijkend en behoeft niet gelijk therapeutische behandeling.’  

‘Er is geen bewijs voor een bepaald proces voor rouw’

– Erik Olsman 

Duaal procesmodel 

Olsman gelooft meer in een duaal procesmodel dat verliesgerichte en herstelgerichte elementen kent die beiden aandacht nodig hebben. Aandacht voor vragen als ’Wat houdt je op de been?’, maar ook aandacht voor en erkenning van het verlies door vragen als ‘Wat ben je kwijtgeraakt?’  

Eigen rouw en rituelen 

Olsman: ’Professionals moeten zich heel bewust zijn van hun eigen normatief denken, hun eigen rouw en rituelen. Geestelijk verzorgers hebben dat in hun opleiding al geleerd.’ 
Robin Zuidam beaamde dit. ‘De geestelijk verzorger is een professioneel luisteraar, die zich bewust is van zijn eigen overtuigingen en normen en die gewend is de juiste vragen te stellen. Vooraf spreken over rouw en emoties rondom het naderend afscheid, kan de nabestaanden achteraf helpen bij hun verwerking.’  

Zuidam is blij dat professionals in zorg en welzijn die werkzaam zijn bij mensen thuis steeds vaker de geestelijk verzorger thuis weten te vinden, via de Centra voor Levensvragen. ‘Schakel deze geestelijk verzorgers niet te laat in’, is zijn advies. ‘Neem ze al mee in het palliatief en/of multidisciplinair overleg, zodat er al vroeg in het proces aandacht is voor zingeving, spiritualiteit en levensvragen.’ 

In het contact met andere culturen kunnen geestelijk verzorgers ook intermediair zijn tussen de mens met een ongeneeslijke ziekte, de naasten en andere professionals. Bijvoorbeeld om wederzijds begrip te bewerkstelligen tussen de familie en hun overtuigingen en waarden en de zorgverleners met hun professionele waarden en normen. 
In kleinere groepjes werd hierover doorgepraat aan de hand van de casus van een 81-jarige Marokkaanse vrouw en hoe zij zelf, haar familie en de zorgprofessionals anders kijken naar wel of niet reanimeren. 

Geestelijk verzorger of psycholoog?

Robin Zuidam ging op de vraag van een deelnemer: Wanneer schakel je nou een geestelijk verzorger in en wanneer een psycholoog? ‘Er zijn zeker raakvlakken tussen beide disciplines. Een psycholoog is meer gericht op het (niet kunnen) functioneren in het dagelijks leven. De geestelijk verzorger is meer gericht op zingeving, spiritualiteit en existentiële vraagstukken. Zijn invalshoek in niet religieus. De geestelijk verzorger kijkt meer naar het hele leven en vanuit welke bronnen je put, wat voor jou waarde en betekenis heeft. Dat kunnen natuurlijk religieuze bronnen zijn, maar dat hoeft niet.’ 

Vrouw krijgt een hand op haar schouder

Elkaar beschermen

Volgens Olsman is het belangrijk oog te hebben voor de reflex dat naasten, maar ook professionele zorgverleners onderling, elkaar willen beschermen. ‘In de Richtlijn wordt daar minder over gezegd, maar deze in principe mooie reflex, kan wel onbedoelde negatieve gevolgen hebben. Door het verdriet niet te delen of te uiten of door het gesprek erover te vermijden, kunnen klachten ontstaan als somberheid en depressie. Ook eenzaamheid ligt op de loer.’ 
Olsman geeft als tip die zorgzaamheid om de ander te beschermen, indirect ter sprake te brengen. Bijvoorbeeld in de vorm van een compliment en daarbij op metaniveau door te vragen: ‘Wat mooi dat u zo zorgzaam bent naar uw omgeving, maar u kijkt erbij…’ Dat kan ruimte geven om te praten over de wens anderen te beschermen, maar ook de wens of behoefte om elkaar te steunen en te troosten.’ 
Om gezond te blijven en goede zorg te kunnen blijven bieden, benadrukt de Richtlijn dat zorgverleners in de palliatieve zorg, inclusief geestelijk verzorgers, moeten (blijven) reflecteren op de eigen rouwprocessen. 

Rituelen

Rituelen zijn belangrijk om emoties te kanaliseren door hun vaste structuur, aldus Olsman. Ze geven betekenis, maar daarvoor moet je die rituelen dan wel begrijpen en kennen. Hij adviseert professionals daarom om altijd uit te leggen waarom ze bepaalde rituelen gebruiken en wat die voor henzelf betekenen. Bijvoorbeeld een kaartje sturen of een kaars opsteken. Ook vragen naar de betekenis van de rituelen van de ander, is daarbij belangrijk. ‘Rituelen delen en toelichten schept verbinding en vertrouwen en geeft openingen voor gesprek, juist ook als je verschillende culturele achtergronden hebt.’  

Rouwbegeleiding begint al voor de dood. ‘In andere culturen is het extra belangrijk de naasten mee te nemen in het stervensproces, zodat zij begrijpen wat er gaat gebeuren en zodat er vertrouwen ontstaat dat je het beste voor hebt met de patiënt.’  
In het contact met andere culturen kan een geestelijk verzorger intermediair zijn tussen de patiënt en de familie en de zorgprofessionals. 

‘Er is moed voor nodig om de
moeilijke en pijnlijke vragen te stellen’ 

– Robin Zuidam 

Handelingsverlegenheid

Robin Zuidam ziet ook veel handelingsverlegenheid. ‘Professionals willen het verdriet en het lijden niet erger maken en vermijden dan bepaalde vragen en onderwerpen, die vaak wel belangrijk zijn. ‘Er is moed voor nodig de moeilijke en pijnlijke vragen te stellen. Maar dat kun je leren. In de communicatie kan het al helpen als je een vraag begint met ‘Ik vind het lastig dit nu aan u te vragen, maar, …’ Daarmee toon je empathie, maak je ruimte voor gesprek en ben je ook professioneel.’   

De Richtlijn toepassen in de praktijk 

De Leeswijzer bij de Richtlijn Rouw helpt om de aanbevelingen in de herziene Richtlijn Rouw toe passen in je eigen praktijk. Het Netwerk Palliatieve Zorg kan scholingen verzorgen, samen met geestelijk verzorgers vanuit de Centra voor Levensvragen. Je kunt ook zelf het initiatief nemen en een klinische les wijden aan de herziene Richtlijn Rouw. 

Tips van de sprekers: 

  • Schakel een geestelijk verzorger niet te laat in. Neem ze al mee in het multidisciplinair overleg;
  • Neem naasten mee in het stervensproces, zodat ze begrijpen wat er gaat gebeuren;  
  • Breng zorgzaamheid om de ander te beschermen, indirect ter sprake; 
  • Leg uit waarom je bepaalde rituelen hanteert en wat ze, voor jou, betekenen; 
  • Vraag naar de betekenis van de rituelen van de ander; 
  • Geef woorden aan je handelingsverlegenheid; 
  • Lees de Leeswijzer bij de Richtlijn Rouw. 

Meer informatie


Beleidsadviseur Zingeving en Sociaal Domein / Projectleider GV Thuis
Guido Schürmann
gschurmann@agora.nl / 06 30 11 81 62

Delen:

Actuele nieuwsberichten

Onder de titel ‘Haast geboden voor zorgzame buurten’ verzorgt gezondheidseconoom Marcel Canoy op 26 juni een lezing tijdens ‘Connecting Communities, hét congres over de sociale benadering palliatieve zorg’ van Agora, Carend en PZNL. ‘Waarom lukt het bij hospices zo goed om informele en formele zorg goed met elkaar te laten samenwerken, terwijl het daarbuiten zo stroef verloopt soms?’, vraagt hij zich af in een opiniestuk in Medisch Contact.
‘Mensen in de palliatieve fase hebben geen boodschap aan onze domeinen, regelingen en hokjes. Voor hen is het logisch om te beginnen bij hen, bij de mens.’ Wies Wagenaar is pionier, kwartiermaker en netwerkcoördinator palliatieve zorg. Op 26 juni verzorgt Wies een lezing tijdens ‘Connecting Communities, hét congres over de sociale benadering palliatieve zorg’, waarbij ze het perspectief van de ervaringsdeskundigen centraal stelt. ‘Ons team ervaringsdeskundigen is heel duidelijk: Palliatieve zorg draait vooral om welzijn.’
Agora nam deel aan de expertisesessies van het ministerie VWS waarin bestaande samenwerkingsverbanden tussen het sociaal en het medisch domein onder de loep zijn genomen. Deze samenwerking draagt bij aan het verlenen van passende zorg. Wat kunnen we leren van deze initiatieven, tegen welke knelpunten zien we in de praktijk en wat gaat goed?