Studie naar waarde van technologische ondersteuning
Luisteren naar je energie: wat een smartwatch kan betekenen in de palliatieve fase
2 maart 2026
Wie zich in de palliatieve fase bevindt, weet hoe grillig energie kan zijn: de ene dag lukt een wandeling, de volgende dag is opstaan al een opgave. Nieuwe technologieën, zoals smartwatches, beloven inzicht te bieden in iemands fysieke activiteit, conditie en energie. Recent onderzoek laat echter zien: zulke technologie kan voor sommige mensen in de palliatieve fase houvast geven, terwijl anderen er juist geen behoefte aan hebben of liever luisteren naar hun lichaam.
Jet Erinkveld, masterstudent Gezondheidspsychologie aan de Open universiteit, onderzocht hoe mensen in de palliatieve fase kijken naar een smartwatch die energieniveau bijhoudt, en wat dat wel en niet voor hen kan betekenen. ‘Technologie kan waardevol zijn, maar mag nooit de menselijke maat verdringen’, concludeert Jet. Agora heeft bij deze studie meegedacht over de onderzoeksvragen.
Technologie kan waardevol zijn, maar mag nooit de menselijke maat verdringen
Elke dag opnieuw afstemmen
Mensen die leven met een ongeneeslijke ziekte geven vaak aan dat vermoeidheid een vervelende klacht is. Vermoeidheid heeft invloed op kwaliteit van leven en maakt het plannen van de dag ingewikkeld. Wanneer doe je iets leuks? Wanneer rust je uit? En hoe voorkom je dat je jezelf steeds opnieuw over de grens duwt?
In de palliatieve fase draait zorg niet om genezen, maar om kwaliteit van leven. Zo goed mogelijk leven met de tijd en de energie die er is. Dat vraagt onder andere om goed symptoommanagement. Hulpmiddelen die mensen helpen hun lichaam beter te begrijpen kunnen daarbij goed van pas komen. In dat licht wordt steeds vaker gekeken naar digitale technologie, zoals apps en draagbare apparaten (wearables), zoals smartwaches.
Een van die technologieën is de zogeheten Body Battery van Garmin: een functie op een smartwatch die een schatting geeft van je energieniveau gedurende de dag. Maar hoe kijken mensen in de palliatieve fase hier eigenlijk zelf tegenaan? En zouden zij dergelijke technologie willen gebruiken?

Die vragen stonden centraal in het afstudeeronderzoek van Jet Erinkveld, waarin zij tien mensen in de palliatieve fase interviewde over hun ideeën en verwachtingen rondom de Body Battery.
Wat is de Body Battery?
De Body Battery is een functie op bepaalde Garmin-smartwatches die het ‘energieniveau’ van iemand weergeeft met een score tussen 0 en 100. Die score wordt berekend op basis van onder andere:
– hartslag en hartritmevariatie (HRV)
– slaapduur en slaapkwaliteit
– lichamelijke activiteit
– stressniveaus
Na een goede nacht begint de score meestal hoog. Gedurende de dag loopt die terug door inspanning en stress. Rustmomenten, ontspanning en slaap zorgen er juist weer voor dat de score oploopt.
Het idee is dat je met deze informatie beter kunt inschatten wanneer je iets kunt ondernemen en wanneer het verstandiger is om rust te nemen.
Het onderzoek: ervaringen en verwachtingen
Voor haar kwalitatieve studie sprak Jet Erinkveld met tien mensen in de palliatieve fase, in de leeftijd van 28 tot 61 jaar. De meesten hadden al enige ervaring met technologie of een smartwatch, maar niemand had eerder de Body Battery gebruikt.
In de interviews stond vooral de volgende vraag centraal: zou dit voor jou van waarde zijn? Daarbij werd gekeken naar vier thema’s:
- Verwachte meerwaarde: zal het een positieve invloed hebben op effectiviteit en productiviteit?
- Gebruiksgemak: kost het veel moeite en mentale energie?
- Sociale invloed: wat vinden partners, familie of zorgverleners ervan?
- Praktische voorwaarden: heb je de juiste middelen en ondersteuning om het te kunnen gebruiken?
Inzicht in energie: herkenning en houvast
Veel deelnemers herkenden het idee achter de Body Battery. Zij gaven aan dat hun energie per dag en zelfs per uur sterk kan wisselen. Het vooruit plannen van activiteiten is daardoor lastig. De gedachte dat een horloge inzicht kan geven in het eigen energieniveau werd door meerdere deelnemers als helpend ervaren om beter te bepalen wanneer ze iets kunnen ondernemen of wanneer ze juist rustmomenten kunnen inplannen.
Eén deelnemer zegt hierover:
‘Energie is een hele belangrijke motor die door mijn dag heen loopt, dus als ik daar meer grip op zou kunnen krijgen, dan zou het voor mij wat makkelijker kunnen gaan.’
Tegelijkertijd waren de deelnemers kritisch. De belangrijkste voorwaarde: het mag geen extra belasting worden. Mensen in de palliatieve fase hebben al veel ‘aan hun hoofd’: medische afspraken, bijwerkingen, onzekerheid over de toekomst. Een technologie die ingewikkeld is, veel meldingen geeft of dwingend aanvoelt, wordt dan al snel te veel. Gebruiksvriendelijkheid bleek daarom cruciaal. De Body Battery zou: eenvoudig af te lezen moeten zijn, weinig uitleg moeten vergen, geen constante aandacht moeten vragen.
Een deelnemer verwoordde het als:
’Als ik er elke keer over na moet denken, dan haak ik af.’
Voor wie wel, en voor wie niet?
Opvallend was dat de intentie om de Body Battery te gebruiken sterk uiteenliep: vier deelnemers zouden het graag willen proberen, twee deelnemers stonden er voorzichtig voor open, drie deelnemers wilden het liever niet gebruiken.
Die verschillen hadden vooral te maken met de fase van de ziekte, het huidige energieniveau, en hoe iemand mentaal in zijn of haar ziekte staat. Mensen die nog in een eerder, minder stabiel stadium van hun ziekte zitten, zouden het wel fijn vinden om inzicht te krijgen in hun energie niveau en balans tussen activiteiten en rust nemen. Deelnemers die al in een gevorderd stadium van hun ziekte zitten, vonden het minder passend.
Zo zei een deelnemer:
‘Ik denk dat het heel goed is voor mensen die net in het begintraject zitten van hun ziekte en echt nog zoekende zijn in wat ze wel en niet kunnen. Ik ben inmiddels negen jaar verder, en ja, ik weet inmiddels wel wat ik wel en niet aan kan.’
De rol van de omgeving
Geen van de deelnemers voorzag problemen rondom de houding van hun naasten ten opzichte van het gebruik van de technologie. Zij benoemen dat vooral partners, kinderen, overige familieleden en vrienden een ondersteunende rol zouden spelen, mede omdat een groot deel van hen voldoende technische kennis heeft om te helpen bij eventuele vragen of uitdagingen. Voor de deelnemers vormt deze positieve houding echter geen doorslaggevende factor; hoewel steunend, wordt de uiteindelijke keuze om de Body Battery te gebruiken vooral gezien als een persoonlijke afweging.
Wat betekent dit voor de palliatieve zorg?
Dit onderzoek laat zien dat wearables zoals de Body Battery potentie hebben, maar alleen als ze zorgvuldig en persoonsgericht worden ingezet.
Belangrijke aandachtspunten daarbij zijn:
- Vrijwilligheid: gebruik moet altijd een keuze zijn.
- Begeleiding: uitleg en ondersteuning zijn essentieel.
- Gebruiksgemak: zo eenvoudig mogelijk, zonder cognitieve belasting.
- Persoonlijke afstemming: passend bij fase, wensen en belastbaarheid.
Daarnaast is er nog weinig bekend over hoe effectief de Body Battery is bij mensen in de palliatieve fase. Verder onderzoek naar daadwerkelijke effecten is daarom nodig.
Technologie als aanvulling
Technologie kan waardevol zijn, maar mag nooit de menselijke maat verdringen. Dat is een belangrijke boodschap uit het onderzoek. In de palliatieve zorg draait het om nabijheid, aandacht en afstemming op wat iemand nodig heeft. Een smartwatch kan helpen om het lichaam beter te begrijpen, maar vervangt geen gesprek, geen emotie en geen (zorg)relatie.
Zoals één van de deelnemers zei:
‘Het kan me misschien helpen om beter naar mijn lichaam te luisteren. Maar uiteindelijk wil ik zelf blijven voelen wat goed voor me is.’
Houvast
De studie van Jet Erinkveld geeft een mooi inkijkje in hoe mensen in de palliatieve fase zelf denken over nieuwe technologie, vanuit het dagelijks leven met beperkte energie. Niet alles wat technisch kan, is ook wenselijk. Maar soms kan een klein hulpmiddel nét dat beetje houvast geven om de dag iets beter af te stemmen op wat nog wél kan.
Voor vragen over dit onderzoek kunt je contact opnemen met de begeleider van de studie: prof dr. Lilian Lechner (lilian.lechner@ou.nl)
Delen:
