‘Pijn’ – Blog Jelle Reijngoudt

Aantal weergaven: 1138

Mevrouw heeft een pijnscore van 10 op de schaal van 1 tot 10! Wat is er aan de hand? Samen met de WMO-consulent van de gemeente probeert Jelle de ondersteuning te regelen die deze dame écht nodig heeft.

Al enige keren had ik in de rapportage zien staan dat mevrouw een pijnscore van 10 op een schaal van 1-10 aangaf. 10, de ergste pijn die je ooit hebt meegemaakt, en dat terwijl ze toch al een behoorlijke lijst aan pijnstillers gebruikt.

Vrolijk de deur openen
Ze schuifelde naar de deur om deze voor mij te openen. Ze had de voorkant van haar pantoffels opengeknipt, zodat ze minder druk ervoer aan haar voeten, maar wat er des te vreemder uit zag. Ze begroette me vrolijk en liet me binnen. Wat raar, de hoogste pijnscore en toch vrolijk de deur openen voor mij...

Ze liep voor me uit naar binnen, met gekromde rug achter de rollator, waar ze sinds enkele jaren onafscheidelijk mee was verbonden. Ze plofte neer in de grote luie stoel die pontificaal in de woonkamer aanwezig was. Ik schoof een stoel van de eettafel dichterbij, omdat ze slechthorend is. Als ik vraag hoe het met haar gaat, geeft ze aan dat het eigenlijk z'n gangetje gaat, maar dat ze niet naar buiten kan van de pijn. De pijn kost haar zoveel energie, dat ze tot niks meer in staat is en het liefst de hele dag in haar stoel zit.

Ondanks haar verhaal, vind ik het lastig te geloven dat ze zoveel pijn heeft, gezien mijn observaties. Ze lacht tijdens het gesprek, oogt enkel somber als we het hebben over haar pijn en wanneer ik ook maar naar haar been wijs, grijpt ze haar been vast omdat ze hier zoveel last van heeft.

“De samenwerking met de WMO-consulent loopt soepel. We helpen elkaar vooruit en signaleren voor elkaar.”

Pijn: een medisch én verpleegkundige probleem
Pijn; een lastig fenomeen dat altijd subjectief moet worden geïnterpreteerd, 'Als iemand aangeeft pijn te hebben, heeft diegene pijn'. In het ziekenhuis werd mij geleerd pijn te verhelpen met medicatie, injecties en morfinepompen. In de thuiszorg leerde ik dat pijn, naast een medisch probleem, een groot verpleegkundig probleem is. Een probleem waar door verpleegkundigen dus ook op geanticipeerd kan worden.

Tijdens het douchen praatte ze volop; over haar kinderen, over het nieuwe tuinset dat ze zou gaan kopen en over vroeger. Ze geeft tijdens het douchen geen enkele keer pijn aan. Bijzonder, gezien de hoge pijnscore. Ik besluit de verpleegkundige interventies 'afleiding' en 'humor' toe te passen om haar de pijn op dat moment te doen vergeten. Het lijkt te werken, tot ik weer wil vertrekken na het douchen. De pijn is terug.

Pijn… of eenzaamheid?
De woorden die ze eerder tijdens het zorgmoment had uitgesproken ('ik zit de hele dag in de stoel, ik kan niet naar buiten'), triggeren mij. Ik begin te vermoeden dat er meer sprake is van eenzaamheid en dat ze behoefte heeft aan sociaal contact, en dat ze daarvoor pijn als middel gebruikt. Haar familie woont niet om de hoek en ze durft buiten niet meer te lopen, komt alleen in de rolstoel buiten, als iemand haar duwt. En daar is het probleem: er is eigenlijk niemand die eens met haar naar buiten kan om een boodschap te gaan doen of een gezellig ommetje met haar kan maken.

Dezelfde dag nog stuur ik een mail naar mijn collega, die de verantwoordelijkheid draagt voor de zorgverlening van mevrouw; of ze een vrijwilliger voor mevrouw kan gaan zoeken.

Op zoek naar een vrijwilliger
'Een vrijwilliger zoeken', het blijkt inderdaad een zoektocht, een groot tekort aan vrijwilligers, zoals in heel Nederland een probleem is. Zeker als het gaat om een vaste vrijwilliger, zodat er een band kan ontstaan tussen de twee. Mijn respect voor alle vrijwilligers in de zorg in Nederland is groot, met name de vrijwilligers die zich inzetten voor onze ouderen, en dat wordt te weinig gezegd.

Een week of twee later wordt ik gebeld door de welzijnsorganisatie over de inzet van een vrijwilliger. De organisatie heeft de casus bekeken en denkt niet dat hier een vrijwilliger passend is; dit lijkt ze meer iets voor professionele begeleiding. Deels kan ik me hierin vinden. Ik vraag of er een combinatie gemaakt kan worden. Eens per twee weken een vrijwilliger, en eens per twee weken een professional. Dit vindt de organisatie een goed plan.

‘Ga ik regelen’
Ik neem contact op met de WMO-consulent van de gemeente en leg de casus aan haar voor. We hebben vaker contact gehad over andere cliënten, waardoor ik merk dat ze sneller open staat voor suggesties die ik doe. Na enige toelichting telefonisch, wordt er een WMO-indicatie toegekend voor individuele begeleiding. Er gaat weer een week of twee overheen voor de indicatie binnen is, en ingezet kan worden.

Een tijd later gaat het een stukje beter met de cliënt. Dat wil zeggen: op het gebied van de pijn en de eenzaamheid zijn flinke stappen gemaakt.

Fysiek gaat ze wel achteruit. De familie van de cliënt geeft aan dat het hen opvalt dat het bereiden van de maaltijden meer moeite kost. Voornamelijk het smeren van een boterham gaat moeizaam. Het kost de vrouw veel energie en ze wordt hierdoor steeds geconfronteerd met haar eigen beperkingen. Ik neem nog een keer contact op met de WMO-consulent en vraag haar om een indicatie af te geven voor maaltijdvoorziening. ‘Ga ik regelen!’, zegt ze. Drie dagen later is de indicatie binnen en kunnen we haar helpen met het verzorgen van de maaltijden.

De samenwerking tussen de WMO-consulent en mij, als wijkverpleegkundige, verloopt over het algemeen soepel. We helpen elkaar vooruit en signaleren voor elkaar. Hierdoor zijn niet altijd twee huisbezoeken en keukentafelgesprekken noodzakelijk; wat zowel voor de cliënt, de mantelzorger als voor de professional erg prettig is.

© Jelle Reijngoudt, wijkverpleegkundige bij Oktober en Zeker met Zorg


Jelle: “Palliatieve zorg is naar mijn idee nog onderbelicht, zeker in de wijkverpleging. Door binnen en buiten onze organisatie actief te vertellen over deze zorg, hoop ik bij te dragen aan kennisvergroting. Ik blog wekelijks op jellereijngoudt.com over mijn werk in de ouderen- en thuiszorg, twee werkvelden die vaak als ‘saai’ en ‘simpel’ worden bestempeld, maar dit zeker niet zijn!”

Disclaimer: In verband met de privacy is de beschreven cliënt en details waar nodig aangepast, dan wel geanonimiseerd.

Auteur: Jelle Reijngoudt

IconClassfa-newspaper-o

Laatste levensfase bespreekbaar

Het is nooit te vroeg om na te denken over de laatste levensfase. Over wat voor jou, je naasten, je cliënten of patiënten van waarde is in het leven. Nodig ze uit om erover te praten. Een eerste stap daartoe kan zijn om wensen op papier te zetten. Een mooie vorm is een brief. Probeer het eens uit... 

Schrijf een brief



Landschap van palliatieve zorg

Welke partijen zijn er werkzaam in de palliatieve zorg? Hoe verhouden ze zich tot elkaar? Bekijk de infographic.