Taboes - Blog Hilde Buiting

Aantal weergaven: 554

Taboes

Hoe zal het met haar gaan? De laatste keer dat ik deze patiënt sprak ging het minder. “Ik voel me heel slecht”, was wat ze me aangaf. Ze wil niks ondernemen. Ze was zenuwachtig en ze wilde ook geen afspraak meer met mij plannen.

Ik volg haar al vanaf het begin dat ze ziek werd, inmiddels bijna drie jaar geleden. Ik ken inmiddels haar stemmingen. Ze kon zich enorm melancholisch voelen. Op die momenten schreef ze de mooiste verhalen… Ze kon ook heel euforisch zijn. Ik probeer voor mezelf na te gaan wat er nodig is voor die positiviteit. Ik gun haar meer van die momenten. En mijmerend kom ik tot de conclusie dat dit eigenlijk vrij simpel is: niet alleen maar nadenken over wat het betekent om al lange tijd te weten dat je niet meer te genezen bent. Maar: leuke dingen doen, leven!

Dat is natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan. Zeker in die periodes dat zij zich moe en lamlendig voelt. Ze moet zich dan vooruit slépen. Maar wanneer het goed gaat schrijft ze, werkt ze in haar tuin, gaat ze uit: ze heeft dan heel veel mooie momenten. Ja, dan ervaart ze echt kwaliteit van leven.

Ze heeft al van alles meegemaakt gedurende haar ziekteperiode. Niet alles ging goed. En dat heeft ook de nodige traumatische ervaringen tot gevolg gehad. Maar ze heeft ‘geluk’ met de mutatie in haar tumor: iedere keer blijkt er weer een nieuwe behandeling voorhanden.

Ik spreek met een van haar artsen. “Ze heeft het nooit over haar man”, zegt ze. “Is dat niet bijzonder? Wel over haar kinderen.” Ik weet het niet. Ik weet dat ze gescheiden is. Dat ze haar man nog regelmatig ziet. En ze is nu al ruim 70 jaar. Moet ze dat allemaal in een consult vertellen? Ik hoor deze arts ook nooit over haar man wanneer ik haar in die korte momenten zie. Ook zij heeft een gezin. Waarom zou een patiënt direct alles moeten delen?

Natuurlijk probeer en wil je een goed beeld schetsen van iemand omdat je daar ook je behandelbeleid op aanpast. Maar wanneer je een patiënt steeds vaker ziet ontstaat die relatie vanzelf.

En zelfs als je een relatie hebt opgebouwd met jouw patiënt, dan nog zijn er allerlei thema’s die met taboe omgeven zijn. En waarvoor je soms wel wat moeite moet doen om ze ter sprake te laten komen.

Toch wordt het thema ‘sterven en de naderende dood’ gelukkig steeds gemakkelijker bespreekbaar. Andere thema’s zoals humor (‘Is dat wel gepast in deze fase’) of seksualiteit (‘Heeft mijn man/vrouw nu geen andere dingen aan het hoofd’) krijgen weliswaar meer aandacht, maar blijven tegelijkertijd nog met taboe omgeven.

Ook of juist in deze fase kunnen deze thema’s mensen dichter bij elkaar brengen. De gesprekken waarin ik veel gelachen heb zijn memorabel, en staan in mijn geheugen gegrift. De gesprekken waar patiënten openlijk over seks praatten, waren met kwetsbaarheid omgeven.

Ook met deze patiënte heb ik alle taboes doorgesproken. Palliatief is deze vrouw. En zo voelt ze zich soms ook. Dan voelt ze zich écht patiënt. Maar heel vaak gaat het goed. Dan hebben we het vooral over de dagelijkse dingen die ze meemaakt. Waar ze over dubt. Wat ze wel en niet leuk vindt.

Gisteren heb ik haar weer gemaild. Maar dit keer was het niet zij die antwoorde. Maar haar zoon. Alweer 3 maanden geleden is ze overleden.

Ik had een voorgevoel. Misschien dat ik daarom vandaag een presentatie heb gemaakt met de draft titel van haar boek als leidraad. Het is de tweede patiënt die ik lang heb gevolgd, en bij wie ik het laatste stukje niet meer meemaak. Dat is gek. En dan was ik niet eens haar behandelend arts. Deze artsen maken dit nog veel bewuster mee.

Mooi, maar ook iets om even bij stil te staan. Iedere patiënt weer. Dat doe ik nu ook. En ik denk terug aan een patiënt met enorme pieken en dalen, die prachtig kon vertellen, en die gedurende haar ziekte-traject ook steeds meer is gaan lachen en genieten.

Voor wie er meer over wil lezen:

© Hilde Buiting, onderzoeker

 

Hilde: "Ik doe al meer dan 10 jaar met veel plezier onderzoek onder patiënten die niet meer te genezen zijn. Ik richt me op de dagelijkse medische praktijk en de bijbehorende medisch ethische dilemma’s. Naast kwantitatief/epidemiologisch ben ik ook kwalitatief onderzoek gaan doen. Ik geloof heel erg in deze (tijdrovende!) methodologie, omdat op een hele mooie manier in kaart kan worden gebracht wat er onder patiënten en zorgverleners leeft. Ik geloof vooral in een combinatie van beiden. Mijn wens om steeds dichter bij de praktijk te staan, heeft ook geleid tot de beslissing om nog geneeskunde te gaan studeren. Nu loop ik coschappen. Op Agora.nl deel ik graag mijn ervaringen om je te inspireren waaronder uiteraard toekomstige artsen." 

 

Disclaimer: in verband met privacy en herleidbaarheid zijn een aantal essentiële cliëntkarakteristieken gewijzigd of verwijderd, dan wel fictionele elementen toegevoegd. De afbeeldingen bij de verhalen zijn stockfoto's. 

Auteur: Hilde Buiting

IconClassfa-newspaper-o

Laat uw reactie achter

Dit formulier verzameld uw naam, e-mailadres, IP adres en content zodat we de reacties kunnen onderverdelen op de website. Voor meer informatie kan je naar onze Privacy Policy en Terms Of Use waar u meer informatie kan vinden over waar, hoe en waarom we uw gegevens bewaren.
Reactie toevoegen