’Meneer Parkinson’ - Het leven en de dood: Goede gesprekken - Blog Gera Keijenborg
’Meneer Parkinson’ - Het leven en de dood: Goede gesprekken - Blog Gera Keijenborg

Aantal weergaven: 421

Ik was er bij toen de nieuwe huisarts kwam kennismaken en wat was dat een voorrecht! Natuurlijk was er aandacht voor de formaliteiten, zoiets moet nu eenmaal gebeuren bij zo’n overstap. Al snel ging het over waar het voor oom Tom over moest gaan. 

La médecine c’est guérir parfois, soulager souvant, consoler toujours (Amboise Pare).

Wetende dat er sprake was van slechtziend- en slechthorendheid had de dokter zich neergezet op een krukje dicht bij zijn relaxstoel. Zo was hij optimaal te zien en te verstaan en kon oom Tom gemakkelijk achterover leunen. Dat gaf meteen een gevoel van gekend en gezien worden.

Er werd gepraat over hoe het is als je je leven leeft met ‘Meneer Parkinson’ aan je zijde. Er werd gevraagd naar wat oom Tom en zijn vrouw belangrijk vonden. De altijd zo stille man leverde een steeds actievere bijdrage en hij zei steeds minder vaak, kijkend naar zijn vrouw of mij: “dat kunnen zij je eigenlijk beter vertellen”. Deze dokter maakte het blijkbaar niets uit dat hij niet altijd goed meer uit zijn woorden kwam. Hij werd begrepen en dat voelde hij, dus durfde hij beter het achterste van zijn tong te laten zien. 

Toch zag ik aan zijn gezicht dat hij worstelde met de vraag hoe kon hij beginnen over wat hem zo nadrukkelijk bezig hield. Over dat waar hij naar verlangde, maar wat hem ook zo angstig en verdrietig maakte. Na een poosje gaf ik een voorzetje. Dat was misschien niet eens meer nodig, maar ik kon het ook niet laten, het was jaren lang mijn werk en het was zo belangrijk dit nu aan de orde te laten komen.

“Oom Tom, je hebt mij gezegd dat je heel graag wilt praten met de dokter over wat jij noemt ‘het leven en de dood’. Klopt dat?”
“Ja”, zei oom Tom. “Eigenlijk is het niks meer met mijn leven. U moet weten ik heb Parkinson en ik zou wel willen dat dat nou eens overging, maar ja…”.
“Denkt u wel eens na over euthanasie,” vroeg de dokter.
“Daar heb ik zelfs voor getekend”, was het antwoord.

Er ontspon zich een dialoog waarin duidelijk werd dat oom Tom wist waar hij voor getekend had en waarin duidelijk werd dat hij begreep hoe het er, als het ooit zover zou komen, in de praktijk aan toe zou gaan. Met tranen in zijn ogen keek oom Tom zijn vrouw aan. Een liefdevolle en eveneens betraande blik kreeg hij van haar terug. Toen werd het stil en het bleef stil.

Weer was ik degene die de stilte na een poosje verbrak. “Maar hoe zwaar oom Tom het leven nu ook vindt, hij vindt het nog veel ingewikkelder om het leven en dan vooral zijn dierbaren los te moeten laten. Het allerliefst zou je samen met ons doodgaan is het niet?” 
“Ja, hoe kan ik nou weggaan van al dit liefs? Ik kan haar toch niet in de steek laten”.  Er sprak wanhoop uit zijn blik, terwijl zijn ogen weer naar zijn vrouw zochten.

Er was begrip en compassie in de reactie van de arts.
“Ik begrijp hoe zwaar het leven voor je is. Je bent gevangen in je eigen lijf en dat is heel vervelend. Maar als ik je nu zou vragen of ik je op dit moment een middel toe zou dienen waardoor je sterft zou je dat dan willen?”
“Nee, nu nog niet”, zei oom Tom met zoveel kracht in zijn stem als hij zelden nog kon voortbrengen.
“Er gaat mogelijk wel een moment komen dat ook dit anders voor je is. Dan kan het je niets meer schelen dat je allen die je lief zijn hier achter moet laten. Dat is het moment voor een drankje, een pilletje of een prikje. Wij moeten er samen vaker over praten om te weten of dat moment er komt en wanneer het aangebroken is”.
“Maar nu is het nog niet zover, hé”, zei oom Tom. Je kon zowel berusting als opluchting in zijn stem horen.
“Nee”, zei de nieuwe dokter. “Nu nog niet, dat zei je net. Maar als je wilt zullen we er vaker samen over praten. En ondertussen wil ik ook gaan kijken of en hoe we jouw leven met ‘Meneer Parkinson’ toch nog wat aangenamer kunnen maken”.

Er was berusting en er werden ook tranen van opluchting weggeslikt. Er zouden meer gesprekken plaatsvinden, waarbij oom Tom én zijn vrouw ontdekten dat gesprekken over ‘het leven en de dood’ ook samen kunnen gaan met plezier in het leven. 


>> Vervolg, donderdag 10 januari: thuiszorg - professionele nabijheid

Opleidingen en leidinggevenden pleiten vaak voor het in acht nemen van professionele distantie. Maar oom Tom heeft juist behoefte aan professionele nabijheid om 'Meneer Parkinson' zoveel mogelijk op afstand te kunnen houden... 


© Gera Keijenborg 

Gera: "Ik mantelzorg vanuit Sponsorschap (NLP): Jij bent bijzonder, uniek, je hoort hier, je bent de moeite waard en je verdient het. Erkenning voor de klacht en de pijn, maar zeker ook voor de kracht van de hulpbehoevende ander, zijn voor mij essentieel. Parkinson, dat heb je niet alleen. Zorg ontvangen en zorg geven: dat werkt een beetje zoals in een samengesteld gezin. Je moet wennen aan elkaars gewoonten en regels. Daarom is patiënten- en familieparticipatie zo belangrijk. 40 Jaar werkervaring in Zorgland helpen me daarbij een beetje de weg te vinden"

Disclaimer: Gera Keijenborg is een pseudoniem. De hoofdpersoon in de verhalen heeft toestemming gegeven ze te schrijven, mits hij anoniem mag blijven. In verband met privacy en herleidbaarheid zijn een aantal essentiële karakteristieken van hem en andere betrokkenen en zorgverleners gewijzigd of verwijderd, dan wel fictionele elementen toegevoegd. De betrokken hulpverleners zijn ervan op de hoogte dat deze blogs verschijnen. Soms lazen zij vooraf mee. 


Auteur: Gera Keijenborg

Meer links

IconClassfa-newspaper-o

Laat uw reactie achter

Naam:
E-mailadres:
Reactie:
Reactie toevoegen