Het huidige kabinet vindt het verbeteren en versterken van de palliatieve zorg belangrijk. Dit blijkt ondermeer uit het Coalitieakkoord en uit 'Samen zorg voor beter: proloog VWS-beleid 2007-2010'.
Tijdens de eerste 100 dagen van het kabinet heeft staatssecretaris Bussemakers enkele keren kennis gemaakt met het veld van de palliatieve zorg. Zij heeft toen laten weten dat ze een oplossing wil vinden voor de huisvestingskosten van bijna-thuis-huizn en high-care-hospices.
In april is een bijeenkomst georganiseerd met relevante partijen uit het palliatieve veld. Gesproken is over de stand van zaken in de palliatieve zorg, de ervaren knelpunten en de mogelijke ontwikkel- en verbeterpunten. Aan de hand van vier invalshoeken zijn de thema's geordend: inhoud van zorg, kwaliteit, organisatie, onderzoek en ontwikkeling. In een vervolgbijeenkomst in juni wordt de basis gelegd voor een concreet plan van aanpak. Dit plan van aanpak wordt in het najaar aan de Tweede Kamer gepresenteerd.
Op 7 juni heeft de staatssecretaris de Tweede Kamer geïnformeerd over de beleidsagenda voor de palliatieve zorg in de brief 'Palliatieve zorg: de pioniersfase voorbij'.
De volgende uitgangspunten van het overheidsbeleid zijn ook voor deze kabinetsperiode van toepassing:
- Palliatieve zorg is gericht op het bereiken van de best mogelijke kwaliteit van leven voor de patiënt en zijn omgeving, zoals beschreven in de WHO-definitie van palliatieve zorg.
- Palliatieve zorg moet zo veel mogelijk onderdeel blijven van de reguliere zorgverlening. Generalistische zorgverleners worden ondersteund door adviezen van specialistische multidisciplinaire consultatieteams.
- Samenwerking in netwerken palliatieve zorg om de zorg zo goed mogelijk te organiseren.
- Ondersteuning op landelijk niveau door Agora (landelijk ondersteuningspunt palliatieve zorg) en op regionaal niveau door de afdelingen palliatieve zorg van de Integrale Kankercentra.
Hoewel deze uitgangspunten nog steeds actueel zijn, zullen ook andere accenten gelegd worden:
- Een nieuw zorgmodel, waarin curatieve zorg en palliatieve zorg meer gelijktijdig dan wel geleidelijk in elkaar overlopend georganiseerd zijn.
- Het versterken van de palliatieve zorg in de eerste lijn, dus op wijk/buurt niveau, dicht bij de mensen thuis.
Deze accenten betekenen dat huisartsen, paramedici, verpleegkundigen en vrijwilligers samen, ondersteund door specialistische consultatieteams, de zorg rondom patiënten in de thuissituatie goed moeten organiseren (ketenzorg). Dat kan goed in de eerste lijn door het systematisch en in een vroegtijdig stadium identificeren van patiënten die in aanmerking komen voor palliatieve zorg. Voor patiënten die niet thuis kunnen verblijven zijn er palliatieve terminale voorzieningen. De inzet van vrijwilligers zowel in de thuissituatie als in voorzieningen verdient grote waardering.
Uit het onderzoek 'De rol van zorgkantoren en netwerken bij de realisatie van palliatieve terminale zorgvoorzieningen' (Nivel) blijkt dat er regionale verschillen zijn op het gebied van realisatie van palliatieve terminale zorgvoorzieningen. Het is de bedoeling dat er een handreiking komt waarmee een goede vraag- en aanbodanalyse gemaakt kan worden bij het realiseren van voorzieningen.
De huisvestingslasten van bijna-thuis-huizen en high-care-hospices zijn in het 'Onderzoek naar financiële knelpunten bij voorzieningen voor palliatieve terminale zorg' (Berenschot) als structureel en niet-vermijdbaar gekwalificeerd. Dit knelpunt wordt opgelost door 2 miljoen euro beschikbaar te stellen in de vorm van een zogenaamd samengesteld tarief voor extramurale palliatieve zorg. Vanaf 1 januari 2008 moeten voorzieningen hiervan gebruik kunnen maken.